Sign in to save your progress, vote, and build your own decks.Sign in
onregelmatige werkwoorden in het nederlands.
onregelmatige werkwoorden in het nederlands.
105 cards·by jessica.magalhaes03
nederlands imperfect
breken
brak
eten
at
genezen
genas
geven
gaf
hebben
had
lezen
las
nemen
nam
spreken
sprak
steken
stak
stelen
stal
vergeten
vergat
blazen
blies
laten
liet
slapen
sliep
vallen
viel
verlaten
verliet
houden
hield
lopen
liep
roepen
riep
helpen
hielp
sterven
stierf
werpen
wierp
gaan
ging
hangen
hing
vangen
ving
weten
wist
bidden
bad
liggen
lag
zien
zag
zitten
zat
begrijpen
begreep
bijten
beet
blijven
bleef
glijden
gleed
grijpen
greep
kijken
keek
krijgen
kreeg
overlijden
overleed
rijden
reed
schijnen
scheen
schrijven
schreef
smijten
smeet
snijden
sneed
strijken
streek
verdwijnen
verdween
vergelijken
vergeleek
wijzen
wees
wrijven
wreef
zwijgen
zweeg
bieden
bood
genieten
genoot
kiezen
koos
liegen
loog
schieten
schoot
verbieden
verbood
verliezen
verloor
vliegen
vloog
vriezen
vroor
bewegen
bewoog
trekken
trok
smelten
smolt
scheren
schoor
vertrekken
vertrok
wegen
woog
zwemmen
zwom
schenken
schonk
duiken
dook
fluiten
floot
ruiken
rook
sluiten
sloot
beginnen
begon
binden
bond
drinken
dronk
klimmen
klom
schrikken
schrok
springen
sprong
stinken
stonk
vinden
vond
willen
wou / wilde
winnen
won
zingen
zong
zinken
zonk
bezoeken
bezocht
kopen
kocht
mogen
mocht
vechten
vocht
verkopen
verkocht
zoeken
zocht
brengen
bracht
denken
dacht
bakken
bakte
heten
heette
lachen
lachte
scheiden
scheidde
wassen
waste
doen
deed
staan
stond
dragen
droeg
vragen
vroeg
worden
werd
komen
kwam
kunnen
kon
moeten
moest
zijn
was
zeggen
zei